Ik zat vanmiddag in de bieb voor de Nederlandse taalles.
Het kleurrijke groepje vrouwen uit een keur aan culturen groeit
met het zwaan-kleef-aan-effect uit het sprookje 'de Gouden Gans' van Grimm.
Vriendin van vriendin, nicht van tante, en zo zit de leestafel inmiddels tjokvol.
Maar hoe meer zielen hoe meer vreugd.
Vanmiddag was het echter een beetje roerig, op z'n
Westfries geformuleerd. Om ons heen werden met groot kabaal de drie hokjes opgebouwd waarin de 'Nederlanders met een paspoort' morgen hun politieke voorkeur bekend mogen maken óf geheim mogen houden.
En omdat dit ook een belangrijk onderdeel is van de
Nederlandse cultuur probeerde ik even 'snel' uit te
leggen wat er gaande was.
"Morgen mogen we stemmen."
Ja, stemmen. Dat is
dit hè? En met aanzwellend stemgeluid maakte een Syrische vrouw duidelijk
dat zij wel doorhad waar het over ging.
"Tsja eh... dat is óók een betekenis van 'stemmen'
ja. Wat goed van jou. Maar deze keer bedoel ik iets anders. Het wérkwoord stemmen.
Je kan ook zeggen: kiezen."
Oh kiezen. Ja, dat
zijn deze hè? Dezelfde vrouw kiepte van enthousiasme bijna van haar stoel.
Met een veelbetekenende blik priemde haar wijsvinger
tegen haar tanden.
De uitleg duurde even wat langer dan verwacht. Maar de
achterliggende gedachte van onze democratie zit er al lekker in. Zodra het tijd is om een officieel hokje rood te
maken, moet je zeker je stemgeluid laten horen.
En wie je moet kiezen???
Ja, dat is soms nog even op de
tanden bijten.














