maandag 6 april 2020

Als de rook om je hoofd is verdwenen




‘Wie in Vlaanderen achter het stuur een sigaret

opsteekt terwijl er een kind in de auto zit, riskeert 

een boete die kan oplopen tot maar liefst 1000 euro.’ 

Eén zinnetje tussen droom en waak, klinkend uit de 

wekkerradio boven haar hoofd.


Die mededeling bij het ochtendkrieken zet de rest 

van dag in de mist met optrekkende rook tegelijk.

In het in nevelen gehuld verleden zit daar ineens 

weer... op haar vaste plek in de auto met 

op de stoel vóór haar die opgestoken sigaret. En nog 

een, en nog een. Als waren ze aan elkaar geregen 

als de kraaltjes van een snoepketting.


Dat roken slecht was, was toen vast nog niet 

bekend. Toch?! Maar hoeveel theoretische 

kennis heb je nodig als een kind op de achterbank 

van de Simca 1100 naar adem snakt? Piepend 

naar frisse lucht uit het klapraampje dat maar op

een klein kiertje open kon? 



Hoeveel inzicht heb je nodig bij het aanschouwen 

van het kind, dat misselijk en duizelig naar buiten 

rolt uit de dikke grijze mist in de stalen autokooi op 

de plaats van bestemming?


“Niet zo aanstellen!” Altijd diezelfde woorden vanaf 

de voorstoel. Zonder omkijken.


Het feit dat roken in de auto met kinderen erbij bij 

wet verboden is, voelt als een soort erkenning in

gerechtigheid. Dat roken slecht is, is geen nieuwe

ontdekking. Eindelijk die bijna giftige dampen laten

optrekken wél. De valse mantel der ontkenning kan

het niet meer bedekken... sommige vergeefse hoop

was toen al in rook opgegaan. 



Niet zo aanstellen. Dát is een opsteker waar je de 

rest van het leven mee doorkomt.



Geen opmerkingen:

Een reactie posten